Het project Deuren op het plafond van de Rotterdamse kunstenaar Judith van den Berg voor HET PLAFOND is precies dat. Ze monteerde drie sets deuren en kozijnen, van verschillend formaat, tegen het plafond. Ondersteboven. De deuren staan half open. Toch kun je er niet doorheen lopen – van buiten naar binnen, noch andersom.
Drie soortgelijke deuren, maar dan getekend op de grote winkelruit, en gewoon op de grond, markeren de overgang tussen de publieke ruimte buiten en de ruimte binnen. Maar ook nu kun je niet naar binnen lopen – enkel gluren.

Deuren op het plafond

 Kunstenaar Judith van den Berg laat je kijken naar dingen die zó normaal zijn dat we er geen aandacht meer aan besteden. Zij brengt die in bijzondere situaties, zodat we ze als het ware opnieuw zien en ervaren. Deuren zijn zulke dingen. Heel normaal en alledaags, maar ook heel bijzonder, vindt Judith van den Berg.
Normaal staan deuren op de vloer, voor je neus. Zie bijvoorbeeld de voordeur van HET PLAFOND. Daardoor loop je naar binnen, of ga je naar buiten. Nu zijn er drie extra buitendeuren, in witte lijnen op de winkelruiten van HET PLAFOND. Ze staan uitnodigend half open: je kunt er doorheen kijken, maar verder niet. De middelste deur heeft een min of meer normale hoogte, die links daarvan is korter – kun je daar nog doorheen zonder bukken? – en de rechtse is piepklein – daar past een normaal mens niet door. Afgezien van het maatverschil is het een symmetrische compositie: een drieluik.
Dat motief wordt binnen herhaald, maar nu in deuren en kozijnen van echt hout. In plaats van op de grond, hangen ze nu hoog in de ruimte – in eenzelfde symmetrische opstelling: ook hier weer dat drieluik. Deze drie deuren hangen, anders dan de drie op het vensterglas, niet in één plat vlak. Dat zie je goed als je voor het zijraam in het straatje rechts gaat staan; deze drie deuren zijn in twee vlakken vervat, de middelste deur naar achteren.
Daar opzij blijkt ook het licht heel anders op die kozijnen en deurvlakken te vallen … Lees Meer

Tiwánee van der Horst schildert in drie dimensies met gesmolten, gerecyclede plastics. Geschilderde architectuur noemt ze dat. Opgeleid als architect aan de TU Delft ervoer ze het ontwerpen als heel rigide: in de architectuur is alles star en gestandaardiseerd, en alles ziet er overal hetzelfde uit. Plafonds bijvoorbeeld zijn tegenwoordig hetzij wit gestukt dan wel suffe systeemplafonds. Hoe zou het zijn als je een gebouw – je huis? – zou kunnen schilderen? Bij HET PLAFOND probeert ze een geschilderd plafond te maken.

A Dance in Space

Het project A Dance in Space van Tiwánee van der Horst voor het plafond van HET PLAFOND bestaat uit een aantal afzonderlijke, heftig gekleurde elementen boven je hoofd. Daartussen tekende ze kronkelende lijnen uit transparant wit en kleurloos materiaal. Een en ander is bedoeld als alternatief voor de panelen van down the road systeemplafonds. Tiwánee heeft geprobeerd van het plafond een samenhangende schildering te maken. Geschilderde architectuur.

Ze legt uit dat ze zich voor haar project bij HET PLAFOND heeft laten inspireren door het Duitse Bauhaus, dat op de kop af 100 jaar geleden werd opgericht. Studenten daar leerden niet afzonderlijke schilderijen te maken, of losstaande sculpturen. Integendeel: “Das Endziel aller bildnerischen Tätigkeit ist der Bau!“, zei Walter Gropius, de directeur van die revolutionaire kunstenopleiding. In de architectuur zouden alle afzonderlijke kunsten moeten samensmelten tot een Gesamtkunstwerk.

Een van de Meister aan het Bauhaus was Wassily Kandinsy (1866-1944). “Hij is mijn grote favoriet en voorbeeld”, vertelt Tiwánee. “Ik nam zijn schilderij Komposition VII uit 1913 als uitgangspunt. In zijn schilderkunst laat Kandinsky uiteindelijk alle figuratie los. Net als Kandinsky wil ik proberen of, en hoe ik kleuren zelfstandig naast elkaar zou kunnen gebruiken om er optisch interessante composities mee te maken. Nu eens gebruik ik stevige primaire en complementaire kleuren of mengtinten, met harde omgrenzingen. Dan weer eens experimenteer ik juist met vloeiende gradiëntovergangen. Ik wil proberen daarmee een dynamische compositie te krijgen.”

“Ik ben begonnen om enkele sprekende elementen uit Kandinsky’s Komposition VII, die daar natuurlijk helemaal plat zijn, te vertalen naar 3D objecten. Hebben die elementen … Lees Meer

Beeldend kunstenaar Pim Palsgraaf (1979) is een bouwer, gefascineerd door architectuur. Ode aan het Nedlloyd Huis is een driedimensionale constructie onder het plafond van HET PLAFOND. Die is niet, zoals een architect zou doen, tevoren tot het laatste detail ontworpen. Palsgraaf laat zijn bouwsel geleidelijk aan ontstaan, zorgvuldig improviserend. Hij refereert aan het Nedlloyd Huis – het witte kantoorgebouw dat tot voor kort hier stond, aan de overkant van de Gedempte Zalmhaven. Tegelijk bespeelt Palsgraaf met zijn Ode de binnenruimte van HET PLAFOND.

Palsgraaf houdt een pleidooi voor ‘improviseren’, ‘laten woekeren’ als creatieve tactiek: gewoon ergens beginnen, zonder dat van tevoren precies duidelijk is waar je zult uitkomen. Daarmee stelt hij zich haaks op tegenover alle systemen en protocollen van onze samenleving, waarin juist steeds meer vastligt.

Pim Palsgraaf: recht voor je raap

Als je werk van Pim Palsgraaf tegenkomt valt meteen op hoe fysiek en materieel het is –het stuitert je tegemoet. Er is niet alleen veel te zien, maar ook veel te beleven.

Karakteristiek is de installatie Multiscape 19 die sinds kort staat bij Café de Bel in het Oude Noorden. Op een zwarte sokkel, hoog boven je uit, torent een ranke ree uit licht polyester; aan zijn poten een samenklontsel van donkere huisjes dat doorgroeit tot bovenop zijn rug… De confrontatie van een ‘onschuldige’ natuur en de mensgemaakte omgeving van de stad.

Diezelfde directheid gold ook de veel meer abstracte installatie Traces of emptiness die Palsgraaf onlangs presenteerde bij zijn galerie NL=US Art aan de Schilderstraat. Wie daar binnenkwam werd zowel visueel als lijfelijk geconfronteerd met een constructie uit donkere vlakken. Die kwamen uit de wand op je af spetteren. Voor je het wist was je omgeven door coulissen die je naar binnen zogen, een levensgrote kijkdoos in.

De installatie Ode aan het Nedlloyd Huis, die Palsgraaf nu bij HET PLAFOND laat zien, kent diezelfde directheid – we hopen dat ook u dat zo ervaart!

Pim Palsgraaf: improviseren

Pim Palsgraaf (Gouda, 1979), is een Rotterdamse kunstenaar. Na het Grafisch Lyceum volgde hij de Willem de Kooning Academie, die hij in 2003 cum laude afsloot als schilder. … Lees Meer

Voor Low Hanging Fruit voor HET PLAFOND werken Stefan Hoffmann en Céline Berger – privé al lang samen – nu voor het eerst ook als kunstenaars samen: Zwei Seelen in einer Brust & Bien étonnées de se trouver ensemble

Céline, geboren Française, spreekt naast Frans ook Duits en Engels. Die talen wervelen door haar gesprekken met Stefan, van origine Duitser. Híj spreekt bovendien ook nog vloeiend Nederlands: hij woont al jaren in Rotterdam. Céline pendelt tussen Rotterdam en Keulen.

Low Hanging Fruit – in het Engels betekent dat zoiets als ‘voordehandliggend’, met als bijsmaak dat je je ergens makkelijk van afmaakt… Zulk laaghangend fruit doet me meteen denken aan een schilderij van de Duitse schilder Lucas Cranach de Oudere uit 1526. In de Hof van Eden staat Adam naast Eva onder de Boom van Goed en Kwaad; daaruit heeft zij, tegen het uitdrukkelijke Verbod in, zojuist de fatale appel geplukt. Bij Cranach hing die nét laag genoeg… Wat een verleiding!

Plafonds – vroeger

Vroeger waren hoge plafonds teken van welstand. Armeluitjes hadden lage vertrekjes, maar hoe rijker je was, des te hoger je plafond. Je kon je blijkbaar wel wat extra mud kolen veroorloven, want waar warmte omhoog stijgt moest je dus eerst een hele hoop stoken voor het ook beneden aangenaam was… De Modernisten uit het begin van de 20e eeuw haalden de plafonds daarom naar beneden – Le Corbusier zelfs zo ver dat zijn gemiddelde Modulor-mens het met de vingertippen kon aanraken.

Zo is het ook in de appartementen in dit gebouw: die zijn ternauwernood 2,45 meter hoog en daarbij allemaal keurig wit. Behalve dat van HET PLAFOND: dat is liefst 3,55 meter hoog, maar van kaal beton. Dat laatste had overigens destijds, bij de bouw in 1997, nogal wat voeten in de aarde: “Dat vindt u vast niet mooi”, probeerde de aannemer nog… Hij wist niet, dat daar HET PLAFOND ging komen: gelegenheid voor kunstenaars om met bijzondere projecten de specifieke karakteristiek van die ruimte boven je hoofd te herontdekken. Dankzij de grote winkelruit is die hoge ruimte trouwens zelfs met enkel een winters … Lees Meer